De bomen

In de straat staan kastanjebomen en wel de paardekastanje of de wilde kastanje (Aesculus hippocastanum). Deze wilde kastanje is een boom uit de familie van de Hippocastanaceae en is geen familie van de tamme kastanje, al suggereert de naam dit wel. De tamme kastanje behoort tot de beukgewassen.
De paardekastanje is geen inheemse boom, maar die oorspronkelijk stamt uit de Balkan en vooral uit Turkije. Hij is omstreeks 1600 in West-Europa ingevoerd door reizigers uit Klein Azi. De paardenkastanje is hier vooral aangeplant in lanen en parken vanwege zijn prachtige bloeiwijze met die witte of roze kaarsen. En daar kunnen we dan ook elk voorjaar weer van genieten in de laan. Hij kondigt de lente aan en staat al vroeg in bloei. Later gaan de bladeren wat hangen.
Bloeiende bomen in de laan
De geslachtsnaam 'Aesculus' betekent "Eik met eetbare eikels". Maar de vruchten zijn eigenlijk niet eetbaar voor mensen. De naam werd op de paardekastanje overgedragen. Hippos = ros, paard, castanum = kastanje. Waarschijnlijk vertaald uit het Turks van castanesi (paardekastanje). De zaden dienden o.a, als paardenvoer. De Turken gaven de vruchten aan hun merries te eten wanneer deze een veulen verwachtte. Maar ook zouden ze gebruikt zijn tegen de hoest van paarden. Maar ze zijn ook eetbaar voor geiten en varkens.
Over de herkomst van de naam bestaan meer verhalen. Het is een zeer winterharde boom, die geschikt is voor elke grondsoort en kan heel oud worden. Maar hij is wel gevoelig voor verdichting van de grond, bijvoorbeeld door autoverkeer en daardoor niet echt geschikt voor in de stad. Hij kan wel 40 m hoog worden, maar de hoogte is sterk afhankelijk van de ondersoort. Deze hoogte kan variren van 6 tot 40 meter. De bomen in onze laan zijn nog geen 15 meter hoog en zijn misschien wel van het soort Aesculus hippocastanum 'Baumannii', een ondersoort die wel bloeit, maar geen vruchten krijgt. Ik moet bij Gemeente Werken eens informeren over de verschillende soorten.
Dit is wel zo prettig voor de, eronder geparkeerde, auto's. Alhoewel ik denk dat dat in 1919 of 1920, toen ze vermoedelijk geplant zijn, dat geen overweging zal zijn geweest. Ze kunnen ook oud worden, de oudste, nog levende bomen staan in England en die zijn geplant in 1664.
De paardekastanje is een echte sierboom, want het hout is niet goed te gebruiken voor constructies of het maken van meubels. Dit komt o.a. doordat de stam vaak getordeerd is waardoor het moeilijk te bewerken is en ongeschikt is voor constructiehout. Dat is ook heel kenmerkend voor de boom en kun je in de straat ook bij veel bomen zien dat de stam getordeerd is. Zelfs als openhaard hout is het niet goed te gebruiken.

Bloesems van de paardekastanje in de laan
In het voorjaar is de kastanje een van de eerste bomen die uitloopt en al snel staat de wilde kastanje in bloei met kaarsachtige witte, of wit-roze bloemen. Deze staan aan het uiteinde van de takken als 'kaarsen'. Voordat de boom uitloopt, is de bloemknop opgesloten in een dikke, bruine, kleverige knop. In volle bloei oogt de boom krachtig en statig. Dit mede door de compacte kruin. Later in de zomer gaan de bladeren hangen. De vruchten van de paardekastanje zitten in een omhulsel (bolster) die van stekels voorzien is. De vrucht zelf (de wilde kastanje) is bitter van smaak en niet eetbaar. In de Burg. Meineszlaan staat, zover ik weet, maar 1 vruchtdragende boom. Deze staat ter hoogte van nr.17. De anderen bomen krijgen geen vruchten of kastanjes. Gelukkig voor de auto's die onder de bomen staan.

De bomen in onze laan zijn, zover ik kan nagaan op foto's, geplant rond 1918 - 1920, toen de laan helemaal klaar was. Maar aan de vorm van de bomen te zien, zijn er tot aan de van der Palmstraat andere bomen geplant dan in de rest van de laan. De bomen na de van der Palmstraat hebben de kroon die lager begint en een wat gladdere stam en zonder vergroeiingen aan de stam. In de afgelopen jaren zijn er een aantal vervangen omdat ze slecht waren of dood gingen. Rond 1988 is er een boom omgewaaid, waarna er een aantal zijn vervangen, omdat ook deze bomen niet meer in zo'n goede conditie verkeerden. Deze nieuwe bomen staan o.a. voor het Turks Cultureel Centrum, nr 34 en nr 45. Ze zijn direct herkenbaar door hun gladde bast. Begin 2000 zijn aan het begin van de straat, aan de even zijde weer twee bomen vervangen. Deze bomen waren duidelijk aan het afsterven, er kwam nog maar weinig blad aan. Ik kwam langs toen de eerste boom eruit gehaald werd. De grond stonk enorm, maar of dat ermee te maken had, weet ik niet. Maar het nieuwe boompje, dat ervoor in de plaats gekomen is, is roze bloeiend. De bloesem is ook heel afwijkend, en behoord vermoedelijk tot de ondersoort Aesculus pavia 'Humilis'.

Er is ook verschil tussen de bloesems van de oude bomen en de, 15 jaar terug geplante bomen. De eerste bloesem op de foto is van een oude boom uit het begin van de laan. De tweede is van de rond 1988 geplante bomen in het begin van de laan. De laatste foto is genomen ter hoogte van huisnummer 7 in de laan. Helaas zijn in 2004 weer een 3 tal bomen beschadigd door het in brand steken van vuilniszakken die tegen de bomen lagen. Dat zal in de toekomst niet meer zo snel voorkomen omdat de vuilnis nu in containers gaat en niet meer tegen de bomen gezet worden voor het ophalen. En in 2005 is er een containerbak met afval in brand gestoken waardoor de kruin van de boom beschadigd is. Deze schade lijkt mee te vallen.
Maar ik denk dat ook deze boom al aangetast is door de bloedingziekte. En in november 2005 is er weer een boom omgevallen. 15 jaar geleden is de ernaast staande boom ook al, bij een storm op de zelfde wijze afgebroken en omgevallen. Toen zijn er, na controle, in de straat een aantal bomen vervangen, zoals bij de Turkse vereniging, bij nummer 32 en de boom op de hoek van Meineszlaan en de Adrien Milderstraat. Ook nu weer zijn alle bomen nogmaals gecontroleerd en goed bevonden. Het is opvallend dat de nieuwe bomen een veel gladdere bast hebben en geen vergroeiingen. Maar misschien komt dat ook met de ouderdom.



De bedreiging


Op dit moment heerst(2005) er in Nederland een onbekende ziekte die de paardekastanje aantast. De boom gaat bloeden uit plekjes op de stam. Vooral in 2002 kwamen er veel meldingen uit Noord- en Zuid Holland. Er is nog niets tegen te doen. Een deel van de aangetaste bomen is inmiddels al bezweken. Op basis van een inventarisatie in 2004 in Den Haag, bleek dat van het totale bestand van 3500 paardekastanjes al 39% aangetast is en 1,5% nagenoeg dood is. Meer info staat op de website Marten Toonder. Deze website is van De werkgroep Aesculaap, een samenwerkingsverband van verschillende organisaties en mede betaald door de overheid. De werkgroep Aesculaap doet onderzoek naar de oorzaak van de ziekte en naar mogelijkheden om deze te bestrijden en onderhoudt contacten met tal van boombeheerders en - verzorgers. Het Ministerie van LNV heeft inmiddels het benodigde onderzoeksbudget van 275.000,- verstrekt. Dit bedrag wordt besteed aan onderzoek naar de veroorzaker van de bloedingsziekte en naar methoden om de ziekte tot stilstand te brengen bij al aangetaste paardekastanjes. Ook resulteert het onderzoek in praktijkadviezen over hoe men de zieke paardekastanjebomen moet behandelen.


In onze straat heb ik ook al enkele, vermoedelijk, aangetaste bomen gezien. Dit is o.a. de, nog jonge boom bij de Truks-Culturele Stichting in de straat. In de deelgemeente Delfshaven zijn er 342 paardekastanjes, waarvan er 2 ernstig aangetast zijn, 10 matig en 45 in geringe mate.(voorjaar 2005). De schade valt dus nogal mee.

Ook kan de Paardekastanjes last krijgen van de Kastanjemineermot. Dit is een uit Zuid-oost Europa afkomstig klein motje, dat zijn eieren legt in de bladeren van Paardekastanjes en de laatste jaren aan een opmars naar Noord-West Europa is begonnen. De larven vreten gangen in het blad, dat hierdoor lelijke bruine vlekken krijgt. De aangetaste kastanjes zien er vanaf eind juli steeds triester uit en laten in de loop van augustus veel blad vallen: in september zijn sommige exemplaren al volledig kaal. Tot nu blijken de meeste kastanjes deze aantasting wel te overleven. Het zal echter zeker een aanslag zijn op de conditie; de bomen kunnen beduidend minder reservevoedsel opslaan en zullen het volgend seizoen verzwakt beginnen. Als de Kastanjemineermot meerdere jaren achtereen toeslaat zullen kastanjes het moeilijk krijgen en bevattelijk zijn voor andere belagers. Om de motten te bestrijden kunnen de afgevallen bladeren worden opgeruimd en verbrand of begraven. De plantenbakken om de bomen kunnen daarom beter weggehaald worden omdat de mot daarin de winter kan overleven en het volgende jaar weer direct verder kan gaan met de aantasting van de bomen.

De medicinale toepassingen van onderdelen van de paardekastanje.
Er worden medicinale effecten toegeschreven aan de vrucht, de bast en de bladeren.
         - In Vlaanderen (nog altijd) zowel paardekastanjes (wilde kastanjes) als tamme kastanjes, in de broekzak worden gedragen, tegen reuma of jicht.
         - Dat een aftreksel van paardekastanjes in alcohol een volksremedie is tegen reuma.


Guido Gezelle heeft een mooi gedicht heeft geschreven over de paardekastanje

    Schone castanjen, hoe blijde is uw groen,
    vol sneeuwwitte keerskens gesteken;
    ze blinken, ze bloeien, ze dansen, ze doen
    hun' diennaar ootmoedig geweken
    voor 't waaien van 't windtje
    dat op en ner,
    voor 't waaien van 't windtje,
    dat weg en dat wer,
    komt wandelende over uw takken gegaan,
    noch stille en laat staan
    geen een van uw wentelende bladeren!
    Schone castanjen, hoe blijde is uw groen,
    n zee is 't, vol zandgroene baren!