De straat 1910

De Burgemeester Meineszlaan ligt op het grondgebied van de voormalige gemeente Delfshaven, in de Coolpolder.
De gemeente Delfshaven (geschiedenis Delfshaven) was vroeger de haven van Delft. In 1389, in het ambacht Schoonderloo, onder de rook van Rotterdam, werd de haven aangelegd. Er zijn al aanwijzingen in 1250 van de aanwezigheid van het dorp Schoonderloo, samen met Mat(h)enesse. Schoonderloo, had in 1274 al een eigen parochiekerk en een eigen waterweg, de hoydrift. Vanuit Delft moest de Schie nog worden gegraven, waarbij 2 bestaande dijken, bij Overschie en de Mat(h)enesserdijk, werden doorgestoken. Rond 1404 werd de aanleg van de verbinding tussen Delft en de Maas via de Schie afgerond met de aanleg van de Kolk. Met het gereedkomen van de verbinding en de haven ging het goed met Delfshaven, zo goed, dat het een eigen kerk kreeg en in 1451 toestemming kreeg voor de aanleg van een tweede haven. Delfshaven had onderwijl een behoorlijke haringvloot gekregen, wat terug te zien is in het wapen van Delfshaven. Als plaats voor activiteiten werd Delfshaven later zeer beperkt door Delft. Er mochten maar een beperkt aantal ambachtslieden zijn. Anders moet het maar naar Delft. Dat was omdat het bestuur van Delft bang was, voor een leegloop van de stad Delft. Dat de ambachtslieden met hun bedrijven naar Delfshaven zouden verhuizen omdat ze dan dichter bij de haven zaten, waar het werk was. Door de vele beperkingen verhuisden o.a. de haringvissers met hun vloot naar het nabij gelegen Rotterdam. Ook voor de rest verliepen de activiteiten in de haven. Daardoor en verhuisen veel ambachtslieden naar Rotterdam. Als het bestuur van Delft niet zo kortzichtig was geweest, dan hadden we misschien wel in Delfshaven i.p.v. Rotterdam gewoond.


kaart Rotterdam West 1880. Klik voor een grote kaart In 1795 is Delfshaven verzelfstandigd, wat in 1803 weer door Delft nietig wordt verklaard. En in 1825 wordt het weer opnieuw verzelfstandigd. Maar dat alles komt niet doordat het zo'n bloeiende gemeente is. En in 1841 doet Delfshaven voor de eerste maal een verzoek aan Rotterdam om te worden geannexeerd. Maar Rotterdam weigerd, mede omdat het in Rotterdam ook financieel niet zo goed gaat en de kosten van de annexatie hoog zijn doordat Delfshaven zeer armlasting is. Zo armlastig, dat Delfshaven niet meer in staat is om goed voor de armen te zorgen.
Maar nadat in 1872 de Nieuwe Waterweg is geopend, gaat het snel beter en ontstaat er, door de toenemende handel, een grote behoefte aan haventerreinen en woningbouw locaties.

De grens tussen de toenmalige gemeente Delfshaven en Rotterdam lag tussen Westersingel en de Gouvernestraat. In de jaren na 1872 begon men overal haventerreinen te plannen. Vooral in de Coolpolder, het grondgebied van de gemeente Delfshaven, werden plannen uitgewerkt voor de uitbreiding van de haven. Deze plannen werd gemaakt onder leiding van de directeur van Gemeentewerken. Eerst door W.N. Rose en daarna door G.J. de Jongh. Ook door het raadslid van der Kamp uit Delfshaven werden plannen ontwikked voor de Coolpolder, maar door hem met woningbouw voor de vele nieuwe arbeiders voor de Rotterdamse haven. Maar de Rotterdamse raad hield de anexatie lang tegen in verband met de kosten die de annexatie van Delfshaven met zich mee zou brengen. Maar Delfshaven liet, tegen de grens van Rotterdam, slechte en goedkope huurwoningen bouwen voor de Rotterdamse arbeiders. Deze bouwpercelen lagen direct tegen Rotterdam aan en was voor de nieuwkomers die geen woonruimte konden vinden in Rotterdam. Die woningbouw daar was van slechte kwaliteit. Dit was vooral in de omgeving van de Gouvernestraat, waar de aannemer Gouverne een stuk grond had waarop hij snel en zonder veel controle op kon bouwen. Dit om snel veel mensen in huizen te kunnen onderbrengen. En de gemeente Delfshaven vond alles goed als het maar geld opleverde en had geen geld voor de controle op de bouw. Deze woningen zijn daarna, begin 1900, al een keer gesaneerd. Dit tot ergernis van Rotterdam. Want Rotterdam probeerde juist de kwaliteit van de huisvesting te verbeteren en hogere eisen aan nieuwe woningen te stellen.
Maar mede door de bemoeienis van burgemeester Meinesz werd Delfshaven dan toch in 1886, op eigen verzoek, geannexeerd door Rotterdam.